Time-lapse Video: De bouw van een Harley-Davidson XG750R

In hoeveel tijd bouw je een competitieve Flat Track-racer? Wel, blijkbaar kan dat in 3min36. Tenminste, dat is hoelang men er bij uitlaatspecialist Vance & Hines overdoet om een exemplaar van deze Harley-Davidson Flattracker op te bouwen. In tegenstelling tot z’n voorganger de XR 750, die van 1970 tot en met 2016 werd ingezet in het AMA Flat Track-kampioenschap, is deze XG 750 R een motorfiets van z’n tijd. Geen gorgelende carburatoren maar wel een injectie-systeem met 38 mm gasklephuis. Verder koolstof vezel bodywork, gefreesde wielen van Performance Machine (het zusterbedrijf van Roland Sands Design), Öhlins veerelementen én uiteraard een Vance & Hines (2-in-2) uitlaatlijn.

De krachtbron van de XG750R is gebaseerd op het vloeistofgekoelde Revolution X 60° V-twin motorblok van de Harley-Davidson Street 750. In race-trim meet het blok echter 49 cc meer dan de oorspronkelijke 749 cc. Daarvoor wordt de boring van de oorspronkelijke 85 mm verhoogt tot 87,75 mm. Hoe het assemblageproces van de flat tracker in z’n werk gaat zie je in de video hieronder.

Vance & Hines runt het officiële Harley-Davidson Flat Track-team – bestaande uit Bryan Smith, Dalton Gauthier en Jarrod Vanderkooi - in het American Flat Track-kampioenschap. Ze bouwen dus de fabrieksmachines voor de AFT SuperTwins-klasse (de koningsklasse van de Flat Track), maar daarnaast bouwen ze ook machines voor ‘privateers’ in die klasse, en rijders die in de AFT ProductionTwins-klasse uitkomen. Die klasse is voorbehouden voor motorfietsen met tweecilinder productiemotoren tussen 650 en 850 cc. De productie van deze machines is zeker geen bandwerk. Omdat de flat tracker volledig met de hand gebouwd wordt, is de prijs navenant. Een raceklare XG750R kost dan ook $ 36.000 (terwijl de Street 750 net geen $ 7.600 kost). Door de beperkte leverbaarheid van de machines krijgen Harley-Davidson-dealers voorrang zodat de meeste privateers die voor de XG750R opteren voor één of andere ‘shop’ uitkomen.

 

Tekst: BJ

Foto en video: YouTube.com/Vance & Hines

 

 

Geschreven op 24 augustus 2020
© Motoren & Toerisme