Conclusie
Ik kan werkelijk geen slecht woord zeggen over onze twee ‘oldies’. Sterker nog: ik sta er versteld van wat je vandaag voor dit budget krijgt. Voor 4.950 euro koop je niet alleen een degelijke viercilinder, maar ook gemoedsrust. Je krijgt een jaar garantie en de motor wordt rijklaar afgeleverd, zodat je in principe zo’n 6.000 kilometer zorgeloos kan rijden zonder meteen banden of remblokken te moeten vervangen.
Toegegeven, naar de huidige designnormen zijn deze machines niet uitgesproken sexy. Geen scherpe led-signaturen of futuristische dashboards. Maar dat is allemaal relatief. Wie weet val jij net voor de eenvoudige lijnen, de klassieke ‘klokken’ en de halogeenverlichting. Wat ze in elk geval bieden, is een kwalitatieve instap in het motorrijden, op niveau. Deze modellen behoorden nog niet zo lang geleden tot de top van hun segment. Koop je één van deze motoren, dan kan je probleemloos mee met de moderne tweewielers. En wie puur functioneel denkt: voor de prijs van een nieuwe elektrische fiets koop je een volwassen, comfortabele motor die perfect inzetbaar is voor woon-werkverkeer, maar je ook zonder aarzelen richting Alpen kan vertrekken. Dat bewijst hoe toegankelijk motorrijden kan zijn, en hoeveel we daarvoor aan de tweedehandsmarkt te danken hebben.
En als ik moest kiezen? Dan zou ik voor de Suzuki gaan. Die voelt net iets karaktervoller aan, oogt net iets frisser (dankzij de lagere kilometerstand) en spreekt me esthetisch meer aan. En die kofferset snor ik tweedehands wel op.